dinsdag 16 december 2008

Dinsdag 16 december: Woorden die tijdens de uitvaart gesproken zijn


Hieronder de tekst die tijdens de uitvaart gesproken is:

Lieve mensen,

Wat fijn dat u allemaal bent gekomen, naar het laatste afscheid van Julian Visser.
Delen in verdriet. Het verdriet wordt er niet kleiner door, maar toch is het dan beter te dragen,
als je het kan delen met zo veel mensen.
Ik ben Elly Mans en ben vrijwilliger van het humanistisch Verbond en zo heb ik de ouders en
grootouders van Julian ontmoet in Stellendam.
Julians leven was een heel kort leven. Hij werd geboren op 30 september 2004 in Dirksland en hij is overleden op 11 december 2008 in Rotterdam.
Julian, kleine jongen, waar zijn vader en moeder, zijn zusje en zijn grootouders, zo blij mee waren. Iemand die je lief hebt, is een kostbare schat in je hart en het verliezen van je kind, is als het verliezen van een stukje van jezelf. Maar de liefde, die je hebt ontvangen, gaat nooit meer verloren.
De liefde en het plezier, de vreugde, die jullie deelden, zullen je kracht geven. De gave van de liefde in je leven, zal tot blijvende zegen zijn.
De schoonheid van de liefde blijft achter en zal voor altijd bewaard blijven in je hart.




Nu slaat de dood ineens op jou.
Dood? Ik weet niet wat het is,
Niets, een gat, niet-zijn, gemis.
Altijd de anderen in rouw,
Nu slaat de dood ineens op jou.
Het past jou niet, je bent nog kind,
Voor wie het leven pas begint,
Net als voor mij, maar jij gaat weg
En hoort niet eens meer wat ik zeg.
Nu raakt de dood ons leven aan,
Zal altijd tussen ons bestaan.
Met woorden houd ik je nog vast.
Je naam staat in mijn hart gekrast.
Liefde is het enige waar we altijd genoeg van hebben.
Het is het enige wat nooit minder wordt wanneer je het met anderen deelt.
Hoeveel liefde je ook geeft, zij raakt nooit op
Het zal nooit gebeuren dat er te weinig overblijft om met anderen te delen.
Laten we onze liefde delen op deze droevige dag.



Dit is het verhaal van het leven van Julian Visser.
Het geschreven door mama Marisca.
Zij heeft mij gevraagd om het aan u voor te lezen
En dat doe ik graag voor Marisca en John en we hopen
dat Julian vanuit de verte ook nog meeluistert.


Lieve Julian,
30 september 2004 was 1 van de 2 mooiste dagen van ons leven. Het was de dag dat jij geboren bent.
Je was een hele rustige en makkelijke baby. Je had wel altijd honger,
maar dat was met een extra fles wel op te lossen.
We hebben uren gewandeld door en rond Stellendam met de kinderwagen.
De voetballiefde begon al heel erg vroeg…..Met 11 maanden waren je eerste woordjes:
Papa, mama en Aja (van Ajax kwam dat af)
Een tijdje later als we aan je vroegen: “wat zeg je als je Feyenoord hoort?”
En dan zei jij meteen: “boe”
Je was ook een echte waterrat en we gingen dan ook regelmatig met jou naar het zwembad. Dat was altijd dolle pret. Ook gingen we samen naar de peutergym. De eerste 10 minuten werd er altijd gevoetbald en jij schoot het hardst van allemaal.
Op maandag als mama ging werken, kreeg je altijd cursus van opa Jan. Jullie waren bijna altijd in de garage te vinden, als wij kwamen. Hij heeft je van alles geleerd: een ingooibal,
Sliding maken en natuurlijk ook doelpunten maken.
Ook ging je vaak met papa en mama naar het voetbalveld. Daar wilde je altijd patat eten
En draaien, draaien. Je was een echte raddraaier.
We gingen ook jaarlijks een weekje naar Center Parcs. Dat was altijd genieten. Lekker iedere dag zwemmen of naar de speeltuin. Je ging dan samen met papa van alle glijbanen af, maar de wildwaterbaan was toch wel je favoriet.
Ook mocht je dan bij papa op zijn handen staan en dan tilde hij jou hoog op en liet je in het water vallen. Je gilde het dan uit van plezier en dan riep je steeds: “nog een keer!!!”
We hebben altijd ontzettend moeten lachen om al je uitspraken. Zo ook toen we op een keer op de “Plaza” liepen en je voor het eerst flamingo’s zag, toen zei je: “wat zijn dat nou voor rare kippen?”
Je had wel een eigen willetje en toen je 1 l/2 jaar was, was je eerste driftbui een feit. Je zat voor het eerst in de zandbak te spelen en je had het reuze naar je zin. Toen je eruit moest, omdat we gingen eten, gilde je het uit en we kregen je bijna niet in de kinderstoel.
Dit ritueel herhaalde zich een paar dagen, zodat zelfs buurmeisje Britt tegen haar moeder zei:
“Ze krijgen hem weer niet binnen hoor!!”
Tijdens een vakantie op Kos, gingen we vaak naar de minidisco. Sindsdien noemde je alles
wat maar muziek maakte:minidisco.
Toen ome Jan en Ome Marinus bij opa en oma aan het witten en ook aan het zingen waren, zei je: Het lijkt hier wel minidisco!!
Ook zei je toen: “hé dat zijn twee ome Marinussen” je had nog nooit van een tweeling gehoord.
Toen je 2 ½ was, ging je naar de peuterspeelzaal. Dit was wel even wennen voor je, maar als mama eenmaal weg was, ging dit heel goed. Je vond het ook leuk om met andere kinderen te spelen.
Als je bij opa Kees en oma Leuni was, bouwde je met Jelle en Doreen altijd een tentje, met kussens en zaklampen hadden jullie de grootste lol. Als de tent dan eindelijk klaar was, dan kon je beginnen aan je rolletje. Hoeveel rolletjes snoep jij gegeten hebt, ze zijn niet te tellen.
Zo ook de zelfgebakken koekjes bij Tante Anna op zaterdagmiddag. Je vond die altijd zo ontzettend lekker. Je hield ook van rituelen: op zaterdagavond patat eten voor de televisie,
want dan wilde je naar die “valdingen” kijken. Je bedoelde dan ter land, ter zee en in de lucht.
Op zondag hielden we altijd pyamadag. Je was dan zo blij dat je zonder te wassen naar beneden mocht. Lekker croissantjes bakken en zo maar een beetje spelen.
Vaak bakten we dan zelf ook koekjes of cakejes. Je ging dan voor de oven zitten wachten
totdat ze klaar waren. Of lekker op de bank dvd kijken. De dvd van Pieter Post hebben we grijs gedraaid.
Vaak ging je met opa Jan naar de bootjes en de sluizen. Op vrijdag vond je het lossen van de schepen ook erg leuk. Je zei dan altijd: “ik wil blijven totdat alles er uit is getakeld”
Daarna nog even naar de Zeemeeuw of de viswinkel om kibbeling. Daar was je dol op.
Ook als je aluminiumfolie aan zag komen op zaterdagmorgen, dan wist je al dat er gebakken visjes inzaten. Dat was ook 1 van je favoriete lekkernijen.
Spelen kon je ook als de beste. Uren heb je met je vuilnisauto gespeeld. We hebben eindeloos propjes gemaakt van aluminiumfolie, voor je vuilniswagen. Met je hijskraan, je tractor en andere auto’s was je de hele dag van alles aan het vervoeren. Knutselen, knippen, plakken en kleuren vond je ook altijd gezellig om samen te doen.
Vorig jaar had mama een baby in haar buik. Je vond het wel interessant, dat je een broertje of een zusje zou krijgen. Je wilde heel graag een zusje, maar het mocht geen meisje zijn.
Op 27 december vorig jaar is je zusje Mirthe geboren. Je was stapelgek op haar en wilde altijd met haar kroelen en kusjes geven. Een paar dagen later op 30 december is de nachtmerrie begonnen. In het ziekenhuis in Dirksland is op 30 december de leukemie ontdekt.
Met oud en nieuw was jij met papa in het Sophia kinderziekenhuis en mama en Mirthe waren thuis in Stellendam.
Het was een hele rare toestand. Mama had zo graag bij je willen zijn, toen in het ziekenhuis, ook toen ze voor het eerst infuus gingen prikken.
Gelukkig konden papa en mama er daarna wel altijd samen voor jou zijn en gingen we altijd mee naar het ziekenhuis.
We gingen in de maanden januari t/m april ongeveer 2 keer per week naar het Sophia, want dan kreeg je weer bloedplaatjes toegediend.
Je vond het altijd heel gezellig op de zaal bij zuster Nel en zuster Corry en je kon daar lekker spelen of je keek een dvd-tje. Lekkere poffertjes eten. Je kreeg op de poli altijd lekkere dingen.
Eind april kwam je op 2 zuid terecht. Je was toen behoorlijk ziek en zuster Ivonne en zuster Anke hebben toen heel vaak voor jou gezorgd. Jammer genoeg werden je longen heel ziek en kwam je op de IC terecht aan de beademing. We waren toen heel bang om jou te verliezen.
Wonder boven wonder kwam je hier heel snel bovenop en kon je toch door naar Leiden voor de beenmergtransplantatie.
In Leiden heb je 7 weken in een tent gewoond voor de behandeling. We hebben hier ook veel geknutseld en gespeeld. Je hele tent was versierd met lampjes en met slingers. Al met al heb je hier toch een leuke tijd gehad en hebben we de oranje cd en de cd van Ernst en Bobbie ook tig keer geluisterd, terwijl je lekker op schoot zat. Ook plaagde je de zusters regelmatig. Als je gewassen werd dan riep je ineens: “au”! en dan even later: “grapje”!!
Wat een feest was het toen je naar huis mocht. 1 juli was de grote dag. Na het bakken van de appeltaart konden we na ruim 2 maanden weer huiswaarts keren.
Wat heb je genoten van al die weken thuis. Lekker voetballen, in de zandbak spelen, naar het strand, op de fiets en dan naar de speeltuin of de bootjes. Naar de kinderboerderij of naar de geitjes. Je vond het allemaal leuk.
Ook gingen we vaak met de 2-ling buggy een rondje wandelen, zodat Mirthe ook mee kon.
We gingen dan vaak naar het bos om eikeltjes, kastanjes en bladeren te zoeken.
In die periode wilde je ’s middags ook niet eens rusten. We zeiden dan: “Julian je rustuur begint” en jij zei dan: “Ik ben niet moe en ik wil spelen.”
Het absolute hoogtepunt van dit jaar was het weekend naar Plopsaland. We werden met een limousine opgehaald. Je riep toen uit: “hier heb ik nog nooit ingezeten!”
Je hebt toen een ontmoeting gehad met Plop, klus, kwebbel en lui. Het was geweldig!
We hebben toen een nacht in een hotel geslapen, met z’n vieren op een kamer. Je vond dit reuze gezellig. We zijn dan ook heel blij, dat we dit weekend met z’n vieren mochten meemaken.
Ook mocht je op een gegeven moment weer in de winkels komen. Je was zo blij dat je weer naar Tessemaker kon om boodschappen te doen. Chris plaagde je altijd, maar heeft je ook heel erg verwend met allerlei cadeautjes. Later vond je het iets minder leuk om mee te gaan.
Dan zei je: “ik wil wel mee om boodschappen, maar je moet niet zo lang praten”. Je vond het vreselijk als papa of mama weer eens over jou aan het praten waren. Wij vonden die belangstelling fijn, maar jij absoluut niet. Gelukkig zag je de ernst van de situatie niet in,
hoewel je wel erg bijdehand was.
Rond half oktober kregen we te horen dat de JMML terug was. We waren er al bang voor, want we zagen het al aankomen, omdat het donorbloed geen 100% meer was.
Toen we vertelden dat je weer een nieuw bloedfabriekje zou krijgen en je weer in de tent in Leiden zou moeten, was je 1e reactie: “mag ik mijn playmobil kasteel meenemen?”
Even later zei je: “moet de IC ook over?” We zeiden toen: “dat is niet te hopen, want dat is niet de bedoeling”
11 november werden we door Dr. Van den Heuvel gebeld of wij de volgende morgen wilden komen voor een beenmergpunctie. Ze dacht namelijk dat je ook acute leukemie erbij had. We moesten er maar op rekenen, dat je een nacht moest blijven.
Die bewuste avond zei je tegen papa: “papa ik ben bang”. Papa vroeg: “waarom dan”
Je antwoordde toen: “voor het ziekenhuis”
Dit was de eerste keer dat je dat zei. Bij ons liepen de rillingen over onze rug. Het leek wel alsof je een soort voorgevoel hebt gehad.
Jij ging altijd vrolijk mee naar het ziekenhuis en het maakte je niet uit, of het nu naar Dirksland, Rotterdam of Leiden was. Overal had je het naar je zin, als je maar kon spelen en er niet al te veel vervelende dingen gingen gebeuren. Als dat wel het geval was, dan gedroeg jij je altijd heel dapper. Je was een echte stoere vent.
De laatste weken in het ziekenhuis hebben we ook weer veel leuke dingen gedaan. We hebben weer slingers gemaakt, gekleurd, geknutseld en met de playstation gespeeld.
De hele kamer hing vol met sinterklaasslingers en ballonnen. Tijdens de chemokuur was je wel een aantal dagen ziek, maar knapte je snel weer op.
Iedereen verbaasde zich over het feit, dat je weer lekker aan het voetballen was, op je kamer.
Je hebt zelf samen met papa nog voor Sinterklaas en Zwarte Piet gespeeld. Jullie hebben samen nog je vuilnisauto en het playmobielkasteel ingepakt in aluminiumfolie. Midden in de nacht riep je “papa” en je zei: “laten we de cadeautjes rond gaan brengen”
Jammergenoeg werden je longen weer ziek en wij zagen je op dezelfde manier achteruit gaan als in mei. Nadat je een nacht op de IC gelegen had, wilde je heel graag weer naar je eigen kamer op 2 zuid. “Wanneer komen die dokters nou langs, ik wil naar beneden, ik wil mijn sinterklaascadeautjes uitpakken” zei je steeds.
Je hebt ze nog met hulp van papa en mama uit kunnen pakken, al was je er eigenlijk te zwak voor. Je zei dat je morgen wel met de magneetjes ging spelen. Helaas heb je niet meer met je cadeautjes kunnen spelen, want de volgende morgen was je zo achteruit gegaan, dat je zelf tot 3 keer toe zei: “ ik wil naar boven.” Je wilde nu zelf naar de IC.
Eenmaal boven op de IC aangekomen, moesten we afscheid van je nemen, toen ze je gingen intuberen. Papa en mama stonden maar te draaien en we vonden het heel moeilijk om weg te gaan. Op een gegeven moment zei je: “Gaan jullie nou maar” en even later zei je: “tot zo”
Dat zijn je laatste woorden geweest.
We hebben de laatste dagen veel aan je bed gezeten en je hand vastgehouden en over je voet gewreven. Tijdens het vele luisteren naar de CD van Ernst en Bobbie, lag jij te vechten voor je leven.
Je hebt ontzettend geknokt en de artsen hebben heel erg hun best gedaan, om je weer beter te maken., maar helaas heb je de strijd verloren.
Julian, je bent een kanjer, je bent ons allerliefste jongetje en we houden ontzettend veel van je.
We zullen met z’n drieen verder moeten, maar we zullen je nooit meer vergeten.

Papa, mama en Mirthe

Dit was het levensverhaal dat mama Marisca heeft geschreven. Dit was niet het enige dat ze schreef. Zij heeft gedurende de ziekte van Julian een website bijgehouden, waar ze bijna iedere dag op heeft geschreven. De website is 50000 keer door bezoekers bezocht en er werden heel veel berichtjes door bezoekers geplaatst.
Julian heeft bijna 2000 kaarten gekregen. Julian heeft een prachtig weekend beleefd
In plopsaland waren zij, dankzij de stichting Doe een wens.
Het was aangevraagd door een vriendin van Marisca.
Een prachtig initiatief.
Ook hebben Marisca, John en Mirthe regelmatig in het Ronald Mc. Donald huis geslapen.
Zo kon er toch rust binnen het gezin blijven.
Dankzij de steun van de baas van John, was het voor John mogelijk om ook vaak bij Julian te zijn. ASR Nederland toonde zich een zeer betrokken werkgever, die dit mogelijk maakte.
Heel Stellendam heeft meegeleefd. Gedeeld verdriet is in een zware periode een grote steun gebleken.
Wij hopen dat u John, Marisca en Mirthe en de familie zult blijven ondersteunen.






Op de begraafplaats:



Voor het laatst in uw midden, maar voor altijd in uw hart
Julian Visser, dapper kind. Hij heeft gevochten om te leven.
Alles wat hij heeft betekend en aan liefde heeft gegeven, dat gaat nooit meer over en zal voor altijd in uw hart blijven wonen.
Julian Visser, wij geven hem terug aan de oorsprong. Terug naar de bron.



Lieve Julian,
jij was de fleurige ballon,
die meedeinde op de wind.
Jij, dapper ventje, ons kind.
Je glansde in de zon.
Het touwtje ging stuk,
En jij ging naar boven,
Je bent nu voorbij de zon,
Dat moeten we geloven.
Bij sterren, zon en maan,
Hierboven.
We sturen als teken van liefde,
Ballonnen achter je aan.
Stoere bink, jij deelde ons bestaan.
Bedankt voor je korte leven,
We zullen je ouders en zusje,
Veel liefde geven.



Tekst van de muziek:

Aida: Verwarrend Bestaan

In dit wreed en verwarrend bestaan
Leeft een liefde niet zo lang
Mensen zo ver bij elkaar vandaan
Dromen broos en harten bang
En zo onbeschrijfelijk alleen
Zo wil ik het leven niet
En zo aardedonker om ons heen
Zo wil ik de liefde niet
Alles wat ik wil ben jij Samen gebonden, samen vrij
We zijn dwaas maar we spelen het spel
De een verliest, een ander wint
De beloning is hemel of hel
Grijp je kans, we spelen blind
Toch zegt een stem hier diep binnenin
Zo wil ik het leven niet
Toch zegt een stem hier diep binnenin
Zo wil ik de liefde niet maar om dat ik jou bemin
Zijn deze woorden een begin
Al moet ik jou verliezen
Ik raak je toch niet kwijt
Ik zal je blijven zoeken in een andere plaats en tijd
In dit wreed en verwarrend bestaan Raakt het hart zo erg van slag
Maar de weg die wij samen gaan brengt ons naar een nieuwe dag
En ik ben zo moe van het gedoe
Zo wil ik het leven niet
En ik ben zo moe van het gedoe
Zo wil ik de liefde niet
Alles wat ik wil ben jij
Samen gebonden, samen vrij

Jeroen vd Boom: Kleine Held


Als een engel lig je hier te slapenen mijn handen brengen jou tot rust
Onbewust heb jij het in de gatenals mijn mond jou warme wangen kust
Ik kan niets, ik sta met lege handen
maar ik sla mijn armen om de hoop
dat jou schip niet veel te vroeg zal stranden
want het leven is nou eenmaal niet te koop
Kom op dan gaan we samen naar de sterren kijken
want zo halen we de hemel dichterbij
En dat is nodig om de hel te overlevenen
misschien gaat deze boze droom voorbij
Kleine held, ik wil je arm voelen
Kleine hand, die in de mijne past
Tranen zijn er om weer weg te spoelen
en zolang je hier nog bent hou ik je vast
Kom op dan gaan we samen naar de sterren kijken
want zo halen we de hemel dichterbij
En dat is nodig om de hel te overlevenen
misschien gaat deze boze droom voorbij
Als een engel lig je hier te slapen
dus van mij zul jij geen tranen zien
Maar ik huil totdat je zult ontwaken
want wat ik over heb dat is alleen..
misschien..


Andre Hazes: Bedankt mijn vriend

We hadden samen zoveel plannen, vriend
De oogst was mooi voor jou en mij, m'n vriend
Al ben je nu niet meer bij mij
Voor altijd ben je aan mijn zij
We konden lachen maar ook huilen, vriend
Jij deed voor mij wat ik niet kon, mijn vriend
Ik heb het fijn met jou gehad
Je hebt een plaats hier in mijn hart
Jij wordt nooit vergeten, vriend
refr.:
Ja bedankt, 't was te kort
Dat vergeet ik niet
Iedereen hield van jou
Dat stilt mijn verdriet
Je bent nu enkel nog herinnering
Zo is het leven maar het had toch zin
Het is te gek om waar te zijn
Jouw vriendschap overheerst mijn pijn
Ik ben mijn grootste fan nu kwijtgeraakt
Wat ik nu ben, ja dat heb jij gemaakt
Nu is het echt koud zonder jou
Maar weet dat ik veel van je hou
Jij wordt nooit vergeten, vriend
Ja bedankt
pa bedankt
Ja bedankt
Ja bedankt




Geen opmerkingen:

Een reactie posten